Articles

Werkstuk maken

In groep 5 hebben de kinderen op vrijdag middag 1 uur ICT les. Tijdens deze les hebben ze al aardig wat vaardigheden op ICT-gebied opgedaan.

In het begin van het jaar hebben ze geleerd om een powerpoint te maken, dit gebruiken ze nu tijdens een spreekbeurt.

De afgelopen weken hebben de kinderen taakkaarten gemaakt en gewerkt met de bakkaarten van de methode: goed gelezen. De informatie die ze kregen deden ze op de computer in Word verwerken. Nu de kinderen weten hoe het programma Word in elkaar zit, mag ik alweer een beetje meer van ze verwachten. Zo gaan ze in de komende weken met een maatje werken aan een werkstuk. Om de kinderen op weg te helpen heb ik  een stappenplan gemaakt.

Schermafbeelding 2014-02-10 om 12.05.57Dit stappenplan hebben wij  vooraf samen besproken en daarna zijn ze met behulp van een computermoeder, de hulp van een stagiaire en mij begonnen aan het werkstuk. De kinderen vonden in het begin het moeilijk om het werkstuk vorm te geven. Ik sommige groepjes daarom geholpen bij de indeling en de vorm van het werkstuk. Hierna zagen de kinderen al veel beter hoe het werkstuk eruit zou moeten komen zien.

 

 

 

 

 

 

 

Wanneer ik de werkstukken ga beoordelen gebruik ik een beoordelingsformulier.

Schermafbeelding 2014-02-10 om 12.10.32

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik ben erg benieuwd naar de uiteindelijke werkstukken van de kinderen van groep 5. Ze zijn afgelopen vrijdag al erg enthousiast aan de slag gegaan.

 

Binnen-buitenkring en rekenen

Een actieve manier om een rekenles mee te beginnen is om gebruik te maken van een binnen-buitenkring. Vooraf krijgen de kinderen een klein blaadje, hierop schrijven ze een getal tussen de 0 en de 10. Om het gemakkelijker voor de kinderen te maken kun je er voor kiezen om getallen tussen de 0 en de 5 op te laten schrijven.

Je maakt met de kinderen een binnen-buitenkring. Elk kind krijgt dus een oogmaatje.

De maatjes laten aan elkaar het getal zien wat ze hebben opgeschreven en maken hiervan een keersom. Een leerling heeft bijvoorbeeld het getal 5 en de andere leerling heeft het getal 2. Van deze twee getallen maken ze de keersom: 2×5. Samen rekenen ze deze som uit, wanneer ze denken het goede antwoord te hebben gegeven steken ze een hand in de lucht. Zo zie je als juf of meester wie er al klaar is. De binnen of buitenkring kan dan een aantal plekken doorschuiven, zo krijg je weer nieuwe maatjes en dus nieuwe keersommen.

Je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om andere soorten sommen te oefenen met deze werkvorm.

Tip: weet je niet precies hoe een binnen-buitenkring of andere coöperatieve werkvormen werken kijk dan eens op: http://cooperatievewerkvomen.blogspot.com