Articles

Twix en de geluksgetallen

Twclovers

Ben je op zoek naar een sprookjesachtig verhaal, met een zoektocht naar geluk? Lees het verhaal van ‘Twix en de geluksgetallen’.

Twclovers

 

 

 

 

 

 

 

In dit verhaal word je meegenomen op een ontdekkingsreis door de wereld vol met getallen, waarbij ook thema’s als verdriet, afscheid nemen en loslaten, groeien, aan bod komt. In het verhaal komen prinsen en prinsessen voor met elk hun eigen geluksgetal. Zo is er bijvoorbeeld prinses Negi, in haar kroon schitteren 9 rode edelstenen. Samen beleven ze avonturen, waarin de tafels van 1 tot en met 10 zijn verstopt.

Als je als leerkracht het verhaal voor wilt lezen is het goed om het verhaal vooraf al eens een keertje door te lezen zodat je alle rekenoefeningen die verstopt zijn in het verhaal kan toepassen bij de leerlingen. Ook kun je na het lezen je aanmelden op de site. Deze site is voorzien van allerlei extra materiaal.

Het boek geeft leerlingen handvaten, als het ware ezelsbruggetjes en rekentrucjes, om aan de slag te gaan met de tafeltjes. Zowel bruikbaar thuis als op school in de klas.

Bij het boek hoor ook een kaartspel, deze worden gezien als ‘Twix-geheugenspellen’. De Twix-geheugenspellen kun je spelen vanaf 5 jaar. En vanaf 7 jaar kun je met de extra spelvarianten de tafels oefenen. Elke tafelsom heeft een unieke kaart met een eigen beeld en verhaal. Tafels leren was nog nooit zo avontuurlijk!

kaartspel

 

 

 

 

 

 

 

 

Ben je net als mij enthousiast geworden over Twix en de geluksgetallen, surf dan eens naar de site van twixuponatime.

 

 

12x Tafeltjes starters

tafeltjes starter

Om aan het begin van een rekenles aandacht te geven aan de tafeltjes kun je één van deze twaalf manieren inzetten. Zo kun je ook zien wie er al goed aan het oefenen is met het automatiseren van de tafels en wie hier nog moeite mee heeft. Het kost je misschien 5 minuten, maar zo worden wel steeds op een andere manier de tafels herhaald.

tafeltjes starter

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1. Dobbelstenen2 dobbelstenen op het digibord geven aan welke som er moet worden uitgerekend. Wanneer de ene dobbelsteen 2 stippen heeft en andere dobbelsteen 3 stippen, dan wordt dus de som: 2×3= 6

2. Bedenk de som – op het digibord staan de keersommen van een tafel. De keersommen zijn niet compleet. Er staat bijvoorbeeld _ x 3 = 12 De leerlingen moeten de som bedenken die bij de rest past. Ze schrijven op een kladblaadje de som op, erna wordt het antwoord kort besproken.

3. Bingo tafelsommen – de leerlingen noteren 5 tafelsommen zonder antwoorden op een blaadje. De juf noemt alleen antwoorden van sommen. Wie het eerste 5 complete sommen heeft, heeft gewonnen. De slimmeriken zullen 2×6, 6×2, 3×4, 4×3 opschrijven. Antwoord 12 en ze hebben meteen 4 sommen compleet!

4. Getallenplacemat – elk groepje krijgt een groot A3 vel. Op dit A3 vel is een placemat vorm (coöperatieve werkvorm) getekend. Elke leerling heeft een stukje van het placemat, op dit placemat schrijven de leerlingen alle keersommen die ze weten met antwoord op. Na een aantal minuten schrijven ze na overleg sommen die hetzelfde zijn in het midden op.

5. Twee cijfers een tafel – alle leerlingen schrijven op een blaadje een getal tussen 1 en 10 op. De leerlingen vormen een binnen – buitenkring. Op het teken van de juf laten ze aan elkaar de cijfers zien. Ze proberen om de cijfers keer elkaar te doen en hier het antwoord op te geven. Hebben ze het antwoord gegeven, dan steken ze hun hand in de lucht. Zo kan de juf zien wanneer er doorgeschoven kan worden.

6. Voel cijfers – dit spel wordt gespeeld met 2 leerlingen. Een leerling schrijft met zijn vinger een cijfer op de rug van de andere leerling. Deze leerling raadt het cijfer en zegt hierachter ‘keer’. De andere leerling schrijft een nieuw cijfer op de rug. De leerling raadt het cijfer en zegt de hele som met het antwoord. De rollen worden omgedraaid als het antwoord juist is.

7. Racen tegen de keersommen – de leerlingen krijgen een klein blad met een aantal keersommen. Op het digibord staat een zandloper. Wanneer de zandloper omgedraaid wordt, proberen de leerlingen om binnen de tijd van de zandloper zoveel mogelijk sommen te beantwoorden. Wie heeft de meeste sommen goed?

8. Op goede volgorde – per groepje krijgt elke leerling een kaartje met een tafelsom. Deze tafelsom rekenen alle leerlingen apart uit. Als alle sommen zijn uitgerekend gaan de leerlingen in een rij van kleinste uitkomst naar grootste uitkomst staan. Wie heeft er als eerste een goede rij?

9. Bal overgooien – alle leerlingen staan in een kring. De juf bedenkt een som en zegt de som. Dan gooit de juf de bal naar een leerling. De leerling geeft een antwoord op de som en gooit de bal terug. Zo gaat dit spel verder. Je kunt er ook voor kiezen om de leerlingen ook sommen te laten bedenken.

10. Knie, klap, links, rechts – Iedereen in de klas doet de volgende beweging een paar keer na: ‘Sla met je handen op je knieën, klap in je handen, linkse hand naar je linkeroor en dan je rechtse hand naar je rechter oor.’ Wanneer iedereen weet hoe deze beweging gaat, zeg je een tafeltje op. Dus: sla met je handen op je knieën (2 keer), klap in je handen (3), linkse hand naar je linkeroor (is), rechtse hand naar je rechter oor (6). Bij deze opdracht is het belangrijk dat er versneld wordt in het klappen en opzeggen van het tafeltje.

11. Tafelliedjes of tafelrap – Door middel van een tafelliedjes of tafelraps worden de verschillende tafels aangeleerd. De leerlingen zeggen eigenlijk de tafels op, maar gebruiken hierbij een leuk melodietje om de tafels beter te kunnen onthouden. Tafelliedjes en raps vind je op youtube terug.

12. Lucht post – de juf zegt een tafelsom. De leerlingen schrijven het antwoord in de lucht. Een leerling geeft het antwoord hardop. De leerling die het antwoord hardop heeft gezegd, mag een nieuwe som bedenken.

Download hier de tafeltjes starters, zodat je ze gemakkelijk kunt uitprinten en bewaren.